donderdag 14 november 2013

November (column Trouw 13 nov)


Het regent en het is proefwerkweek. Op heel veel scholen schijnt het proefwerkweek te zijn in november, als de dagen grijs worden en het licht ongekleurd. Proefwerkweek is stil en gelaten, nog minder dan anders valt er te ontkomen aan de tijd. Om de vijf minuten vraagt een leerling ‘hoe lang hebben we nog?’ Ik heb altijd de aandrang om een tegenvraag te stellen. Tja, hoe lang hebben we nog? Hoe lang nog klopt dit lege hart?

Proefwerkweek is saai en bloedeloos, er heerst gelatenheid, precies zoals J.C. Bloem beschrijft in het gedicht dat ik nu al zinnenlang parafraseer.

Al die scholen, al die proefwerkweken. Afschaffen zeg ik. En zoiets zeg ik niet snel, want ik ben voorzichtig van aard. Weg ermee. Er is geen enkele week in het schooljaar waarin kinderen minder leren dan in de proefwerkweek. Ik snap best dat dit paradoxaal klinkt, maar het is waar: het is een en al herhalen, herkauwen, voor de twintigste keer hetzelfde opschrijven, en in het beste geval een paar uur per dag boven een leerboek hangen om te weten komen wat je eigenlijk al wist.

Voor een leraar geldt dat overigens ook, dat je te weten komt wat je al wist.
Natuurlijk weet je wat je leerlingen kunnen. Je weet het allang. Het enige wat met een proefwerk gebeurt is dat je er harde bewijzen voor verzamelt, zodat de kinderen zelf - en de ouders - het ook geloven. De leerlingen die niet aan het verwachtingspatroon voldoen hebben last gehad van stress. Faalangst is onverbrekelijk verbonden met de proefwerkweek. Nog een reden om het af te schaffen.

Ik moet surveilleren bij het schoolexamen natuurkunde, en ik laat mij in de koffiekamer ontvallen dat ik daar tweeënhalf uur voor lul zit, want afkijken is zinloos bij natuurkunde. Geschiedenisleraar Eric, een jolige hipster met het misplaatste zelfvertrouwen van een Ajax-spits, zegt: ‘maar jij staat toch altíjd voor lul? En als je staat, dan stá je voor lul, haha!’ Tegen zoveel kleedkamerhumor kan ik niet op, zo vroeg in de ochtend. Ik mompel wat terug van ‘lees jij volgende week de Trouw maar niet.’ Hij: ‘ach, die schijnt toch niemand te lezen!’ Ik slof naar het lokaal waar ik moet surveilleren, mijn heimelijke pijnen dragend. Straks zal ik de pijnen van de examenleerlingen verzachten door hen om de paar minuten mede te delen hoe lang ze nog hebben.

Korte inhoud van dit stukje, speciaal voor geschiedenisleraren die nog niet ontdekt hebben dat hun leerlingen voor het proefwerk ook alleen maar de samenvattingen lezen: Proefwerkweek moet weg. Kinderen leren niks, wij zitten voor lul, het is saai, het is november.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Gerwin in DWDD 28 januari 2010