vrijdag 7 juni 2013

I Love Music (column Trouw 5 juni)


Kijk, daar is Eva. Ziet u haar lopen? Ze valt niet zo op, vandaar dat ik even wijs. Ze is dertien, ze is niet echt dik maar loopt toch een beetje waggelend, alsof ze met boodschappen sjouwt. Ze kijkt vermoeid naar haar klasgenootjes, dunne sprieten die allemaal op dansles zitten en die gewichtloos lijken. Met geen van hen is ze dikke vriendinnen. Er zijn een paar jongens die zich bij vlagen over haar ontfermen, volgens mij met eerzame bedoelingen, al weet je dat nooit zeker.

Ik geef haar te weinig aandacht, denk ik. Die anderen, die dansmariekes, hebben altijd wel wat aardigs, ze spelen piano, zingen mooi, doen bevallig en cirkelen als meeuwen om iedereen heen die hen wil voeren. De jongens steken onderwijl met stompe voorwerpen in elkaars armen, schuiven razendsnel etuis rond als volleerde croupiers. Eva zit daar gewoon en ik weet niet wat ik tegen haar moet zeggen. Beetje glimlachen. Daarna weer een jongen terug op zijn stoel duwen en de orde herstellen. Van Eva heb ik nooit last. Ze zit stil te wachten, iedere les op dezelfde manier, rechtop, alsof ze verwacht dat er vandaag iets bijzonders gaat gebeuren.

Vorige week kreeg ik ineens een mailtje van haar mentor, gericht tot alle docenten. Eva’s ouders willen haar naar een andere school sturen als ze dit jaar blijft zitten. En of we dat stil willen houden, want Eva weet nergens van. Eva ziet het niet, de zwarte donkere lucht boven haar hoofd.

Een dag of drie later zit ze weer in mijn klas. Kaarsrecht. Ik introduceer een nieuwe opdracht, op warrige wijze, en probeer zoals gebruikelijk mijn warrigheid te compenseren met enthousiasme. Even later sta ik naast Eva bij een keyboard. Ik leg uit hoe ze drie akkoorden moet spelen, C, D mineur en Bes. Bes is lastig. Haar vingers bewegen houterig, ze drukt de toetsen in alsof ze veerkracht van een matras test. Dan zie ik haar nagellak. Al haar vingers heeft ze wit gelakt, en in iedere witte nagel heeft ze met zwarte lak een muzieknoot getekend.

Bij het uitgaan van de les schrijft ze iets met haar vinger op het bord. Ze tekent in het vaalwitte laagje krijtstof. Daarna loopt ze snel weg. Het is niet goed te zien, ik kom dichterbij. Er staat ‘I love music.’

Ik denk: ‘Het is mooi, maar het komt niet door mij. Het zal bij de andere vakken wel heel slecht gaan. Of iets dergelijks.’ Zo probeer ik mijn trots te onttakelen, mijn ontroering het hoofd te bieden, en de aandrang dat meisje te beschermen te wantrouwen. Maar het lukt me niet. 

Het is een goede dag.

1 opmerking:

Gerwin in DWDD 28 januari 2010