vrijdag 20 mei 2011

Eindsituatie

Op school hebben we een meisje in een rolstoel. Het is een mooi apparaat, je kan het met een klein pookje besturen, het is uiterst wendbaar en kan gevaarlijk hard. Soms is dat nodig, als ze een helling moet nemen bijvoorbeeld, of als ze een keer met de gymles mee wil doen. Ze heeft kleine, dunne armen en handen met nauwelijks spierfunctie. Daarom hangen de armpjes in een lus, die aan een takel omhoog wordt gehouden. De rector zei begin dit schooljaar in de plenaire vergadering bij wijze van voorlichting dat het kind medisch gezien in een “een eindsituatie” zat. Ik vond dat een akelig woord, eindsituatie. Hij bedoelde te zeggen dat het niet erger zou worden, maar ook niet beter.

De meeste leerlingen wekken inmiddels de indruk dat ze het gewoon vinden. Door niet te kijken. Als je kijkt voel je je een ramptoerist. Als docent groet je het meisje natuurlijk gewoon, als het zo uitkomt. Maar als het niet uitkomt kijk je ook niet. Het duurt lang voordat het went, de aanblik van zo’n eindsituatie. Soms krijg ik nog steeds de rillingen. Ik zal het maar eerlijk zeggen.

Van de week trad ze op met een zanggroepje van school. Ze zong ook solo, in het volle licht. Iedereen moest kijken, er was geen ontkomen aan. Het nummer dat ze deed heette ‘Use somebody’. Het is een bekend nummer. Ze zong het wel goed. Haar hoofd leunt altijd een beetje achterover tegen de hoofdsteun, en dat zingt moeilijk. Er gebeurde iets met de tekst, die ik normaal gesproken uit de mond van een popster plichtmatig en krachteloos zou vinden. De tekst ging leven en begon dingen naar mij te gooien.

Painted faces fill the places I can't reach

You know that I could use somebody

I hope it's gonna make you notice

Someone like me, someone like me

Ik keek onafgebroken, en het was erg ontroerend. Het ongemakkelijke gevoel verdween niet helemaal, maar ik besloot dat er pas sprake kan zijn van een eindsituatie als ze je as verstrooid hebben.

1 opmerking:

Gerwin in DWDD 28 januari 2010