zondag 23 september 2012

Ouderavond (column Trouw 19 sep)


Ik trek mijn gladde schoenen aan, en een mooi colbertje. Dat doe ik anders nooit, maar het is ouderavond. Dat houdt in dat je de ouders van je mentorleerlingen voor het eerst ontmoet. Als ze het een beetje goed doen, die kinderen, dan is het misschien meteen voor het laatst. Met anderen bouw je, zeg maar, echt een band op in een jaar. 

De eerste indruk is belangrijk. Het maakt niet veel uit wat je zegt, ze komen om naar je te kijken. Is het een beetje een schappelijke kerel of wordt het weer afzien dit jaar? Dat is waar de avond om draait. Alle powerpoint-presentaties die de schoolleiders vooraf in de strijd werpen zijn rookgordijnen. Alle kopjes koffie en koekjes zijn zoenoffers. Ze komen voor mij, de mentor.

Het is belangrijk de ouderavond vroeg in het jaar te hebben. In de tweede of derde week kom je nog wel weg met de blijmoedige kreet dat ‘we er met z’n allen een leuk jaar van gaan maken,’ maar daarna komt de ellende snel bovendrijven. Stress, ruzietjes, overvolle gangen, vieze wc’s, docenten die huilend het lokaal uitlopen – ‘waarom doet u daar niets aan?’. Als je pas in oktober komt aanzetten met een ouderavond, kan je beter in een ketelpak aantreden dan in zo’n colbertje.

Voor mijn eerste ouderavond was ik erg nerveus. De conrector sprak mij vaderlijk toe: ‘Als een ouder met een rare klacht komt, moet je vragen of meer ouders zijn klacht delen. Vaak blijkt de klager dan alleen te staan, en dan ben jij de winnaar!’ Ik bedankte, rechtte mijn rug, stapte mijn lokaal binnen.
Het ging goed, tot het fout ging.

‘Ik wil even wat zeggen!’ zei een kale man met een morsig jasje. Hij stond op, zwaaide met een boekje. ‘Waarom moet mijn zoon dit soort woorden leren!’ Hij begon voor te lezen. ‘Kartofffelpuffer, R├╝ckenflosse, schuhplatteln.’ Hij had een vlekkeloze uitspraak. ‘Wat is schuhplatteln?’ vroeg iemand. Het bleek tapdansen. ‘Zijn er ouders die deze klacht delen?’ vroeg ik. ‘Ja, nu je het zegt!’ zei iemand. In een paar tellen was het een pandemonium. De Duitse proefwerken waren te moeilijk! Het was idioot! Schuhplattelnd verliet ik het lokaal.

Na twaalf jaar en evenzoveel ouderavonden ben ik nog steeds nerveus. De eerste ouder die vanavond mijn lokaal binnenkomt is een zwarte man met grijs haar. ‘Goedenavond’ zeg ik monter. ‘U bent zeker de vader van Tyler.’ Hij: ‘Inderdaad, hoe weet u dat?’ Daar sta ik alweer, met mijn gladde schoenen. Tyler is de enige ├ęcht zwarte jongen in de klas. ‘Hij lijkt op u,’ zeg ik opgewekt. Ik peil zijn blik, om te kijken of ik genade zal vinden. Het blijft een dubbeltje op zijn kant, zo’n ouderavond.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Gerwin in DWDD 28 januari 2010