vrijdag 24 december 2010

De Grote Hongaarse Kerstmis Partiturensmokkel

Boedapest 1989 staat in mijn herinnering overeind als mijn krankzinnigste Kerst ooit. Samen met goede vriend Petrus T. was ik de week voor Kerstmis naar Boedapest afgereisd om een zwendel op poten te zetten die de geschiedenis in is gegaan als de Grootste Partiturensmokkel Aller Tijden.

Boedapest was in rep en roer vanwege de revolutie in buurland Roemenië. Ceaucescu stond nog overeind, men hoopte op zijn val, men vreesde een keiharde ingreep van zijn leger, waarbij de miljoenen etnische Hongaren in het westen het zouden moeten ontgelden, men vreesde oorlog en zag de bommenwerpers al boven de stad hangen. Hongaren zijn geen vrolijke mensen, ontdekten wij.

In dit decor van nerveus patriottisme waren wij beschäftigt met zoiets verwerpelijks als smokkel. En niet van sigaretten of wapens, nee, van keiharde waar: muziekpartituren! Het idee was verpletterend in zijn eenvoud: in Boedapest drukten de staatsuitgeverijen muziek van Beethoven, Mozart, Brahms, en de plaatselijke helden Liszt en Bartók met enorme staatssubsidies en in grote hoeveelheden. In staatswinkels werden ze verkocht voor een knaak. In Nederland kostten die boeken minimaal het tienvoudige. Wij namen onder Nederlandse studenten muziekwetenschap en op het conservatorium de bestelling op. Wij boden enorme kortingen, want wij vroegen slechts het vijfvoudige van de Hongaarse prijzen (wat wij uiteraard niet in de folder hadden gezet).

Na een week klaplopen, in badhuizen liggen, op straat geld wisselen, in grand-café New York hangen, en tussendoor in etappes (om ‘geen argwaan te wekken’) de muziekwinkels leegkopen, hesen wij uiteindelijk vier enorme sporttassen vol bladmuziek de trein in. Bloednerveus knikten wij naar de douanemensen. Wij hadden Deutsche Marken en Marlboro sigaretten ingeval zij de tassen wilden controleren, want wij waren net twintig en wij wisten hoe je die dingen elegant oploste. Ondertussen drukten wij muzieknoten in de broek.

Een maand of twee later begonnen de Beethoven-banden die ik bewaarde ‘voor eigen gebruik’ (je kunt ze echt voor van alles gebruiken) geel te worden en uit elkaar te vallen. Ik heb ze nog steeds. Ze liggen in een klimaatkast. Als ik ze aanraak verkruimelen ze. Ik zal ze voor altijd bewaren, ter herinnering aan die krankzinnige Kerstavond in Boedapest, waarop Petrus T en ik koud en ellendig door de straten schuimden, omdat er in geen enkele herberg plaats was, en in onze kamer in het flatje van een seniele hospita ook niet: de partituren lagen daar tot het plafond opgestapeld. Die vervloekte boeken waren toen al begonnen ons te straffen. En ja, wij hoorden engelen zingen. Er was iets met meisjes, inderdaad, ach laat maar.

De prijzen voor bladmuziek liggen in Hongarije al jaren op West-Europees niveau. De partiturensmokkel is volledig ingestort, er is geen droog brood meer in te verdienen. Een gevoelige slag voor de misdaadsyndicaten. Velen hebben nadien hun toevlucht moeten nemen tot de drugs- en vrouwenhandel.

Ik heb mij nooit meer in zaken begeven. Ik ben er niet voor in de wieg gelegd. Ik haat alle soorten van commerciële activiteit. Maar als u ten overstaan van mij, ter wille van de beschaafde conversatie, en bovendien volkomen terecht uw beklag doet over de misdadige uitverkoop van het Kerstfeest, dan zal ik zwijgen. Ik zal na enige tijd vragen wat u in de koffie heeft. Ik verspeelde mijn recht van spreken op sublieme wijze in Boedapest, Kerst 1989.

5 opmerkingen:

  1. Kerst 1989 de muur was al gevallen. En ach laat dat geld maar rollen voor het deksel op de neus valt. Fantastisch kerstverhaal! En en een paar fijne dagen toegewenst!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Quite the ripping yarn! Hope you're having a Merry Christmas!

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Ik kan het mij allemaal nog goed herinneren!
    Koos

    BeantwoordenVerwijderen

Gerwin in DWDD 28 januari 2010