donderdag 30 december 2010

Straf

Het kabinet-Rutte deelt weer straf uit. Ze zijn goed in straf bedenken. Er zijn mensen die daar echt plezier in hebben, het is voor hen een prettige uitlaatklep, straf verzinnen, de helft van de ergernis is daarmee al bedwongen. De landen die dwarsliggen bij het terugsturen van uitgeprocedeerde asielzoekers zullen minder ontwikkelingsgeld krijgen. Oei, daar zullen ze van ophoren. Het is bijna vermakelijk, als het niet zo treurig was. Rutte had ook strafregels kunnen geven, of verordonneren dat de presidenten van die nare landen zich een week lang om acht uur komen melden bij hem in het Torentje, met een briefje van hun ouders. “Als het werkt dan werkt het” hoor ik hem zeggen.

Natuurlijk gaat het er niet om of een straf werkt, maar of een straf bijdraagt aan de oplossing van het probleem. Straf maakt de problemen meestal groter, als je verder niets doet. Moet ik dat uitleggen? Gert Leers lijkt al wat langer op een boze papa die zoonlief (tweede leg) –die niet wil deugen en wéér pas in de ochtend terugkeert van een comazuipfeest- toebijt: “jij krijgt twee maanden geen zakgeld meer en nu opgehoepeld”. Zoon: “ik krijg al jaren geen zakgeld meer van jou, ik verdien mijn eigen geld sukkel, maar dat wist je zeker niet want je bent er nooit.”

Ik ben benieuwd welke landen het eigenlijk zijn, die dwarsliggers waar wij kennelijk een ontwikkelingsrelatie mee hebben. Dat wordt er nooit bij gezegd. Jemen? Burkina Fasso? Veel kunnen het er niet zijn. Het lijkt er meer op dat Rutte de rol speelt van de gespannen docent die ten overstaan van de hele klas uitroept: “en nu gaat er niemand meer naar de WC, en de eerste die zijn mond open doet vliegt eruit!” Heerlijk, want daarna kan je wachten op het moment dat hij hopeloos verstrikt raakt in zijn eigen strafmaatregel. De eerste die de mond opendoet is namelijk dat brave meisje met een gebrekkig werkende sluitspier.

1 opmerking:

Gerwin in DWDD 28 januari 2010