woensdag 6 april 2011

Stupid Little Dreamer

Toen ik elf was kocht mijn moeder een LP van de Britse band Supertramp. Dit was een bijzondere gebeurtenis, want mijn moeder kocht nimmer platen en mijn vader draaide uitsluitend klassieke muziek. Mijn moeder was lerares godsdienst en maatschappijleer op de Elburgse ‘huushoudskoele’, en ik weet niet voor welk van die vakken ze Supertramp wilde gebruiken, maar het is een feit dat ze in één van haar lessen het nummer Dreamer wilde laten horen. Daar had ze iets over gelezen. Stad en land werd afgezocht en uiteindelijk kocht ze in Zwolle voor vierentwintig gulden de hele LP waar dat nummer op stond. Ja, andere tijden.

Ze kopieerde het liedje op een cassettebandje - wat nog een heel gedoe was - en ik kreeg de plaat, omdat ik daar om vroeg. Er moest voor mij een oude pick-up van zolder komen. Jaja, vroeger begon het leven met een oude pick-up van zolder, lieve kinderen. Ik gaf nog niet veel om popmuziek, maar dat liedje had me bij de kladden. Het ging namelijk over mij – zoals alle goede liedjes, zo leerde ik later.

Het was de tijd dat ik in de ban was van dinosaurussen (ik was met alles laat). Dinosaurussen geven problemen, dat is algemeen bekend. Het kwam erop neer dat ik werkte aan een theorie die zowel recht deed aan de inzichten van Darwin als aan het scheppingsverhaal. Daar moet je elf voor zijn, anders gaat het niet. “Dreamer, you stupid little dreamer.” Centraal in mijn theorie stond het idee dat bij God duizend jaar als één dag was. Zo werd een miljoen kalenderjaren teruggebracht tot drie Godsjaren. Ik vond dat een geweldige vondst en was erg tevreden over mijzelf. Maar sluitend kreeg ik de boel niet, er bleven veel losse eindjes. Ik reikte naar iets waar ik niet bij kon, wilde het vuur van de goden stelen. Het was reuze opwindend.

Eigenlijk wilde ik over iets anders schrijven, namelijk over de bezieling die mijn moeder kennelijk aan de dag legde om een doodgewoon lesje op een dorpsschool interessant te maken, om een stel tamelijk hersenloze grieten te bezielen, meiden die geen ambitie hadden dan die middag achter op een glimmende brommer van een LTS-jongen terecht te komen. Laat geen literator bij mij aankomen met verhalen over zijn toewijding en opoffering, en al helemaal niet met gedichten! Die plaat heeft haar meer geld gekost dan wat ze verdiende met die ene les. Ik weet ook niet of het een goede les is geworden, maar ik kan u vertellen dat die juf tot voorbij haar zestigste op die school is gebleven en dat men van haar hield.

Ik wist dat toen allemaal niet, wat konden mij zulke dingen schelen? Ik zat thuis, begon mij voor steeds langere periodes op te sluiten op mijn kamer, met die ene plaat, die beslist ver uitstak boven het doorsnee tienergejammer. Het was muziek die reikte naar iets waar ik als Dromer ook naar wilde reiken. “Hide in your shell, ‘cause the world is out to bleed you for a ride”, maar ook: “You can be anything you want boy”. Die domme kleine dromer is altijd in mij blijven sluimeren. Soms geef ik hem een tik op zijn kop.

2 opmerkingen:

  1. Mis Gerwin, dat liedje ging niet over jou maar over mij. Van de week hoorde ik het liedje op de radio en heb ik de tekst er eens bijgepakt. Toeval? Het hing in de lucht zeker.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Rudy's on a train to nowhere, halfway down the line. He don't wanna get there, but he needs time.


    The story of my life:)

    BeantwoordenVerwijderen

Gerwin in DWDD 28 januari 2010